Als jazzmuziek een hoofdstad heeft dan is dat New York. Na anderhalve maand in deze stad begin ook wel te begrijpen waarom dat zo is. Het gaat achter elkaar maar door wat betreft optredens, jamsessies, lezingen en workshops. Mijn voornaamste doel is natuurlijk om lessen te volgen bij vooraanstaande jazzdrummers en dat gaat heel erg goed. Ik heb sinds het laatste blog onder meer lessen gevolgd bij Ari Hoenig, Matt Wilson, Rodney Green, Kenny Washington, Willie Jones III en Gregory Hutchinson.
Iedere les is weer anders en ik kies er ook bewust voor om bij verschillende drummers lessen te volgen die ieder op zich weer hun eigen stijl en verhaal hebben. In de lessen met Kenny Washington en Rodney Green gaan we bijvoorbeeld weer helemaal terug naar de basis en zij kijken en luisteren met uiterste precisie naar hoe ik speel en hoe ik mijn grip, houding en techniek kan verbeteren. Het valt mij ook op dat hier veel kritischer gekeken wordt naar hoe er gespeeld wordt, hoe het klinkt en vooral hoe het nog beter kan. Ze duiken hier nog verder in de muziek en zijn altijd op zoek naar de volgende stap. Alle docenten bij wie ik lessen volg vertellen ook allemaal dat ze zelf nog dagelijks oefenen om beter te worden of om in ieder geval in conditie te blijven. Het spreekt natuurlijk voor zich dat het onwijs inspirerend is om 3 maanden in zo’n omgeving te zijn en te studeren. Zelf word ik er ook nog scherper van en te blijven studeren en zoeken hoe ik mezelf verder kan ontwikkelen als jazzdrummer.
De afgelopen weken ben ik op verschillende plekken verbleven om ook te kunnen studeren op een drumstel. De eerste week van februari zat ik in het huis van Joris Teepe. Joris is een Nederlandse contrabassist die inmiddels alweer ruim 16 jaar in New York woont. Hij is tevens het hoofd van de jazzafdeling van het conservatorium in Groningen. Daar is hij ook met het ‘New York comes to Groningen’ programma is gestart wat uniek is in Nederland. Joris woont in Englewood, New Jersey en omdat hij dus voor ruim een week terug naar Nederland moest bood hij aan dat ik voor die tijd in zijn huis kon verblijven. Daar stond ook een drumstel in de kelder en kon ik dus ruim 6 uur per dag oefenen zonder overlast voor de omgeving. De verbinding met Manhattan was goed te doen per bus en ik kon dus in de avond ook nog naar concerten.
Na mijn verblijf in Englewood ben ik weer terug gegaan naar Brooklyn waar ik twee weken in een hostel heb gezeten. In de tussentijd heb ik veel goede optredens gezien met te gekke drummers waaronder Bill Stewart (mijn held), Steve Gadd (echt waar!!) Ari Hoenig, Marcus Gilmore (de kleinzoon van Roy Haynes), Jeff ‘Tain’ Watts (de meester) en Eric Harland. Met een aantal van deze drummers heb ik na afloop even gesproken en uiteraard gevraagd naar de mogelijkheid voor een les.
En nu zit ik inmiddels alweer drie weken in het appartement van Joris Roelofs. Deze Joris is een Nederlandse alt saxofonist die sinds vorig jaar in Brooklyn woont. Hij heeft in Nederland gestudeerd en verschillende nationale en internationale jazzprijzen gewonnen en vorig jaar een album opgenomen met muzikanten die allemaal woonachtig zijn in New York waaronder Ari Hoenig bij wie ik zelf lessen volg.
Het appartement ligt vlak bij Prospect Park, het grootste park in Brooklyn en er staat ook een drumstel dus ik kan hier ook weer alle informatie verwerken die ik in de lessen krijg.
Inmiddels heb ik ook op verschillende sessie gespeeld in clubs als Smalls, The Fat Cat en Cleopatra’s Needle. Het spelen op jamsessies vind ik zelf altijd erg leuk omdat je speelt met mensen die je soms nog nooit gezien of gesproken hebt en dat is natuurlijk helemaal het geval hier in New York. Ik moet daar wel bij zeggen dat de sessies hier druk bezocht zijn. Dat is natuurlijk heel erg leuk want dat zou in de jazzmuziek in Nederland alleen maar ten goed komen maar het is soms onmogelijk om mee te spelen. Dat komt enerzijds omdat er zes andere drummers als waakhonden staan te wachten en anderzijds dat er zoveel solisten meespelen dat ieder stuk wel twintig minuten duurt. De sessie beginnen vaak rond 1 uur ’s nachts en gaan door tot in de vroege uurtjes. De competitieve sfeer die er op de jamsessies heerst zorgt er wel voor dat het niveau soms heel hoog ligt en ook dat is erg leerzaam om deel van uit te maken.
Ik vergeet bijna nog te vertellen over de les met Matt Wilson. Matt Wilson is een excentrieke drummer die weer een hele andere benadering kent wat betreft het bespelen van drums. Om het een beetje beter te begrijpen raad ik je aan om even z’n website te bekijken www.mattwilsonjazz.com Hij is een swingende drummer maar zijn les ging weer een hele andere kant op dan de andere lessen waar techniek een belangrijkere rol speelt. De les duurde ook meer dan een uur en omdat hij in Bladwin woont moest ik daar met de trein vanuit New York toe. Hij haalde me op van het station in Baldwin en zei toen dat hij me eerst iets wilde laten zien, iets wat ik als drummer echt gezien moest hebben. Ik was natuurlijk erg benieuwd maar hoopte vooral dat het niet een of andere kerk of monument was want daar had ik inmiddels wel genoeg van gezien. Na ongeveer 5 minuten reden we door een gewone wijk in Baldwin en vroeg Matt of ik het huis met een daarvoor een blauwe stationwagon zag. Nadat ik het zag liggen zei hij: ‘In dat huis woont Roy Haynes’. Dat was dus een erg leuke kennismaking met een drummer bij wie humor en plezier een belangrijke rol speelt in het bespelen van drums.
Afgelopen week had ik ook een les bij Gregory Hutchinson. Een drummer die bovenaan mijn lijstje stond om een les van te krijgen. Ik had het geluk dat hij nog tijd had want het was precies tussen twee tours met Joshua Redman in en waarschijnlijk is hij tot aan mijn vertrek niet meer in New York.
Nou de komende weken ga ik mijn best doen om lessen te regelen bij onder meer Carl Allen, John Riley en hopelijk ook nog Eric Harland. Daarnaast staan er nog concerten op het programma met onder andere Roy Haynes, Louis Hayes en Jimmy Cobb. Legendarische jazzdrummers die onder meer gespeeld hebben bij Miles Davis, Cannonball Adderly en Charlie Parker. Genoeg te doen dus.
Terug naar boven



